Visie van de boer

Duurzame landbouw

Naast het zorgen voor een kwaliteitsvolle oogst en tevreden deelnemers, vindt boer Pieter-Jan het minstens even belangrijk om dit op een ecologisch verantwoorde manier te doen. Op het gehele bedrijf worden er geen sproeistoffen, pesticiden, kunstmest gebruikt. Er wordt wel gebruik gemaakt van stalmest, compost, groenbemesters.

Meer nog! De voorbije jaren werden er al duizenden planten geplant en er komen er steeds meer bij. Voornamelijk hagen, struiken, bomen, maar ook bloemen:

Gemengde haag van 400 m, de verschillende soorten zorgen voor bloei en bessen voor de vogels en insecten.

Houtkant van 75 m die zorgt voor afscherming van het veld, maar ook voor nestgelegenheden en voedsel voor allerlei dieren.

Tientallen knotwilgen die zorgen voor hakselhout en hopelijk kunnen ze op termijn door hun grootte nestgelegenheid bieden aan steenuilen.

(Fruit)bomen werden tussen de groentebedden geplant die binnenkort vruchten opleveren, maar ook schaduw bieden voor de droge zomers en veel meer.

Er worden steeds bloemen voorzien voor bijen en nuttige insecten.

Er wordt hier nog meer op ingespeeld:
Sinds 2022 is er een groot bijenhotel geplaatst voor de solitaire of wilde bijen.
Een takkenwal zorgt voor extra beschutting voor vogels, egels, … en hier komen er nog meer van bij.
Tientallen nestkasten voor verschillende vogelsoorten werden geplaatst, waaronder een nestkast voor torenvalken die bewoond is en hier vliegen jaarlijks jongen uit!

Door het grote aantal verschillende soorten teelten (meer dan 70), de hagen, bomen, … op een beperkte oppervlakte zorg je voor een zeer grote biodiversiteit waardoor teeltgebonden ziektes ingeperkt worden.

Biologisch

De boerderij heeft het bio-label en wordt hiervoor regelmatig gecontroleerd. Het label vindt Pieter-Jan bijzaak, het is zijn visie om duurzame groenten te telen die goed zijn voor mens en natuur die dan nog eens vol van smaak zijn en daar hoort biologisch te werk gaan automatisch bij.

Meer nog… in de biologische landbouw mogen er nog steeds heel wat “natuurlijke” producten gebruikt worden tegen ziektes en plagen. Pieter-Jan kiest ervoor om deze producten niet te gebruiken omdat daardoor alles uit balans gehaald wordt.

Het is belangrijker om te zorgen voor diversiteit en te zorgen dat de bodem gezond is waardoor ook de planten een betere weerstand hebben, en dat is dan ook waar hij volop op inzet.

Geen gezonde groenten zonder een gezonde bodem

Op het veld kiest boer Pieter-Jan ervoor om de natuur zo weinig mogelijk te verstoren en de biodiversiteit te stimuleren. Uiteraard heb je altijd een impact als je aan landbouw wilt doen, en er opbrengst uit wilt halen.

Hoe zorgt de boer nu voor een gezonde bodem?

Als eerste zorgt hij ervoor dat de bodem zoveel mogelijk bedekt is. Dat kunnen levende planten zijn, maar ook dood mulch materiaal zoals bijvoorbeeld bladeren, gemaaid gras, … Na een groenteteelt (die ook de bodem bedekt), zaait hij zo snel mogelijk een groenbemester in.

Een groenbemester neemt het voedsel dat nog in de bodem zit op en zorgt ervoor dat de bodem bedekt is, minder snel uitdroogt, er geen (wind)erosie is, er geen voedingsstoffen uitspoelen, …

Afhankelijk van het soort groenbemester, vriest deze al dan niet kapot in de winter. De groenbemesters die kapot gaan door het vriezen vallen in de winter plat en zorgen ervoor dat de bodem heel mooi bedekt is. De structuur onder deze bedekking is ideaal. Het bodemleven doet al het werk. De groenbemesters worden in de lente fijn gemaaid en ondiep ingewerkt. Dit kan enkel bij droog weer want verschillende groenbemesters sterven niet zomaar af. Dit gebeurt niet door te ploegen, want daardoor worden alle bodemlagen gekeerd. Dat is gemakkelijk, maar zeker niet goed voor het bodemleven.
Pieter-Jan kiest ervoor om de groenbemester zo ondiep mogelijk te frezen. Liefst maar enkele centimeters diep. De groenbemester droogt nadien uit en verteert ter plekke. Daarbij komt er voedsel vrij voor de volgende teelt.

Er wordt heel wat op het veld geoogst dus er moeten ook zaken toegevoegd worden om de bodem niet uit te putten. Er wordt bemest met stalmest en/of compost. Beide stimuleren het bodemleven. Zo wordt geprobeerd de organische stof in de bodem te verhogen. Nadien wordt er doorgereden met een actisol. Dit is een machine die ervoor zorgt dat de harde lagen in de bodem gebroken worden zonder de bodemlagen te verstoren. De planten kunnen op die manier ongestoord wortels maken en groeien. Hoe dieper ze wortelen, hoe beter want dan zijn ze sterker in drogere periodes.
Om de bodem niet te veel uit te putten schuiven de groenteblokken elk jaar door. Het ene jaar staat er prei, het andere jaar staan er tomaten. Na 4 jaar groenten telen krijgt de blok rust en wordt er een groenbemester ingezaaid die 2 jaar blijft staan. Velen kennen dit systeem van rotatie wel, het maakt het niet makkelijker, maar het is een duurzame keuze. Op termijn heb je een gezondere bodem met weinig ziektes of uitputting.
Er wordt dus enorm ingezet op groenbemesters en bodemverzorging zodat we op lange termijn nog steeds een goede samenwerking kunnen hebben met de bodem en kunnen smullen van de lekkere groenten en vruchten.

“Tijd om te planten!”

Veel insecten, veel oogst

Insecten… Veel mensen voelen het al kriebelen, maar zowat alle groenten en fruit, … moeten bestoven worden door insecten om oogst te geven
Enkel prei, bloemkolen, … lijken niet bestoven te moeten worden om oogst te geven en dat klopt. De deelnemers oogsten deze groenten reeds voordat ze bloemen en zaden maken. Maar je hoort het al, zonder zaden, geen oogst.

Er bestaan uiteraard veel meer soorten insecten dan bijen en hommels met elk hun eigen nut in de bestuiving. Allemaal hebben ze hun eigen favorieten.
Deze insecten hebben het steeds moeilijker. Ze krijgen pesticides over zich heen, vinden te weinig biodiversiteit, de droogte en hevige regenbuien geven stress, habitats verdwijnen, … Daarom legt Pieter-Jan een grote nadruk op veel soorten aanplantingen (heggen, bloei, bessen, …) en nestgelegenheden

Al deze insecten en vogels helpen mee bij het gezond houden van de teelten.
Bladluizen worden opgegeten door lieveheersbeestjes, sluipwespen, … Rupsen worden gevangen door vogels,… En muizen worden gepakt door de torenvalken. Voor alles is er een duurzame oplossing. Vaak komt er een natuurlijke oplossing zonder iets te moeten doen (buiten het aanbieden van voedsel, nestgelegenheid,… aan nuttige insecten). Alles vormt samen een cyclus, het ene werkt het andere in de hand en dit wilt Pieter-Jan met ‘t Groenselveld zoveel mogelijk verbeteren en stimuleren.

Wil je graag meer weten? Kom dan alles te weten op een infomoment.